Ga naar inhoud
Menu
Terug naar de kennisbank
Werken via ZorgZaam+

De woorden op een rij: NBBU, ORT, inlenersbeloning, StiPP en de rest

4 min lezen

De afkortingen die je tegenkomt op je contract en je loonstrook, uitgelegd in gewone taal en per onderwerp gegroepeerd.

In de zorg en in de uitzendwereld vliegen de afkortingen je om de oren. Op je contract staan er een paar, op je loonstrook een stuk of tien meer. Hieronder staan ze op een rij, niet op alfabet maar per onderwerp, zodat je ziet hoe ze met elkaar samenhangen.

Onder welke afspraken je werkt

Cao. Een collectieve arbeidsovereenkomst is een afspraak tussen werkgevers en vakbonden over loon, werktijden en toeslagen. Handig, want je hoeft nergens zelf over te onderhandelen: de belangrijkste zaken zijn collectief geregeld.

NBBU-cao. De cao voor uitzendkrachten. Daar valt jouw contract onder. Die regelt de spelregels van het uitzenden zelf: hoe je overeenkomst werkt, wat er geldt bij ziekte en hoe je rechten opbouwen.

CAO VVT. De cao voor Verpleeg- en Verzorgingshuizen en Thuiszorg. Die bepaalt bij de meeste opdrachtgevers wat je verdient. Vrijwel iedereen in de Nederlandse zorg valt onder een sector-cao, en in onze hoek is dat meestal deze.

Inlenersbeloning. De regel dat je hetzelfde verdient als een collega die bij de opdrachtgever in dienst is en hetzelfde werk doet. Zelfde uurloon, zelfde toeslagen, zelfde onregelmatigheidstoeslag. Er lopen dus twee cao's naast elkaar: de NBBU-cao voor je contract en de cao van de opdrachtgever voor je beloning.

Uitzendovereenkomst. Het type contract dat je bij ons hebt. Je werkt op een afdeling van de opdrachtgever, maar je arbeidscontract loopt via onze administratieve partner, die de loonadministratie verzorgt. Voor je werk, je planning en je begeleiding blijft ZorgZaam+ je aanspreekpunt.

Wat je verdient

ORT. Onregelmatigheidstoeslag: extra beloning voor uren op ongebruikelijke tijden, zoals 's avonds, 's nachts, in het weekend en op feestdagen. Het percentage hangt af van wanneer je werkt en van de afspraken van je opdrachtgever. Op je loonstrook staat de ORT uitgesplitst per dienstsoort.

Vakantiegeld. Acht procent van je loon, dat je opbouwt terwijl je werkt. Het wordt in mei uitbetaald. Ga je eerder uit dienst, dan zit het in je eindafrekening.

Eindejaarsuitkering. Een extra uitkering bovenop je loon, die volgt uit de CAO VVT. Bij ons krijg je die standaard bij elke wekelijkse betaling een stukje mee uitgekeerd. Wil je hem liever op één moment ontvangen, geef dat dan door, dan regelen we dat.

Reserveringen. Je opgebouwde vakantie-uren en vakantiegeld. Op je loonstrook zie je wat je hebt opgebouwd en wat het actuele saldo is.

IKB. Individueel Keuzebudget. Alleen van toepassing als de cao of de beloningsregeling van je opdrachtgever dit kent. Staat het niet op je loonstrook, dan geldt het niet voor jou.

Wat er van je brutoloon af gaat

Brutoloon. Je loon vóór inhoudingen. Dat is het bedrag waar alle berekeningen mee beginnen.

Fiscaal loon. Het deel van je loon waarover de belasting wordt berekend. Ook wel belastbaar loon genoemd.

Loonheffing. De loonbelasting en de premies voor de volksverzekeringen die van je brutoloon af gaan. Die houdt je werkgever in en draagt hij af aan de Belastingdienst.

Loonheffingskorting. Een korting op die loonheffing. Pas je hem toe, dan houd je elke week netto meer over. Je mag hem bij één werkgever tegelijk laten toepassen. Op het loonheffingsformulier geef je zelf aan of je dat wilt.

Arbeidskorting. Een belastingkorting omdat je werkt. Die wordt automatisch verrekend via de loonheffing, je hoeft er zelf niets voor te doen.

WGA-bijdrage. Jouw deel van de premie voor de verzekering bij langdurige arbeidsongeschiktheid. WGA staat voor Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten.

PAWW. Een bijdrage die voor sommige werknemers geldt en die de duur van een eventuele WW-uitkering aanvult. Staat het op je loonstrook, dan geldt het voor jou. Meer uitleg staat op de website van de PAWW zelf.

Nettoloon. Wat er overblijft na alle inhoudingen. Wat er daadwerkelijk op je rekening komt, kan daar nog iets van afwijken, bijvoorbeeld door de WGA-bijdrage en je onbelaste reiskosten.

Wat er voor je wordt opgebouwd

StiPP. Het pensioenfonds voor uitzendkrachten. Daar bouw je pensioen op, na de wachttijd die de regeling kent. Op je loonstrook zie je bij welk fonds je bent aangesloten en sinds wanneer.

Pensioen WN. Het werknemersdeel van de pensioenpremie, dus jouw eigen bijdrage.

Wat jij moet regelen

VOG. Verklaring Omtrent het Gedrag. Die heb je nodig om in de zorg te mogen werken. Wij controleren hem bij je aanmelding.

Loonheffingsformulier. Het formulier waarop je aangeeft of je de loonheffingskorting wilt toepassen. Je vult het in bij het ondertekenen van je contract.

Arbodienst en bedrijfsarts. Bij ziekte word je begeleid door een arbodienst waarmee onze administratieve partner samenwerkt. De bedrijfsarts kan contact met je opnemen, dus blijf tijdens verzuim bereikbaar.

Kom je een woord tegen dat hier niet staat?

Vraag het gerust aan je vaste contactpersoon, of bel 085 401 2546. Geen vraag is te klein, en een term die jij niet kent, kent de volgende collega waarschijnlijk ook niet.

JZ

Jeroen Zeegers

Auteur

Wij gebruiken cookies om je ervaring te verbeteren. Lees ons privacybeleid.